De infovensters Aangepaste gegevens gebruiken

De drie hoofdinfovensters (Project, Taak en Bron) hebben elk een infovenster Aangepaste gegevens. Hierin kunt u uw eigen informatie bijhouden over het project of over afzonderlijke taken en bronnen.
Aangepaste gegevens worden opgeslagen als sleutel/waarde-paren. De sleutel is een soort etiket voor het type informatie dat u bewaart, en de waarde is de informatie zelf.
U kunt bijvoorbeeld als volgt de telefoonnummers van stafleden bijhouden:
Selecteer een stafbron in de bronopbouw en open het infovenster Bron: Aangepaste gegevens.
Klik daarna op de plusknop onder in het infovenster om een nieuw sleutel/waarde-paar te maken.
Geef de sleutel de naam "Telefoonnummer".
Voer een nummer in als waarde voor de geselecteerde bron.
Nu u de sleutel voor deze bron hebt gemaakt, heeft elke andere bron dezelfde sleutel, waarvoor u een waarde kunt invoeren.
U kunt aangepaste gegevens weergeven als kolom in de taakopbouw en de bronopbouw, of als label in het Gantt-diagram en de brontijdlijn, door Weergaveopties te kiezen in het menu Weergave.
← Notities gebruiken Bestanden koppelen aan een project →